fijne (ver)jaardag!

Hoi pap, 

Het is al weer een tijdje geleden, laten we zeggen heel lang geleden dat ik je heb geschreven. Eerlijk gezegd kan ik me de laatste keer niet meer herinneren. Misschien was het een keer na een therapie-sessie dat mijn therapeut me aanraadde om je een brief te schrijven. Misschien was het zelfs die keer op de middelbare school dat ik met tegenzin deelnam aan de rouwcirkel, die met zo veel goede wil door de leraren op het A.R.H.C. was opgezet, maar die ik tot het allerlaatste moment heb geprobeerd om te ontlopen. Ik herinner me dat er momenten waren waarop ik wist dat ik ‘gezocht’ werd door de begeleider van de rouwcirkel en dat ik ten koste wat het koste niet mee wilde doen. Ik herinner me dagen door de school te hebben gelopen, extra alert in de pauzes, om te verkopen dat de begeleider me herkende in de gang of in de bibliotheek. Mocht diegene er dan zijn, deed ik er alles aan om contact te vermijden. Als dat betekende met een omweg naar de les te gaan, so be it. Nou goed, genoeg over mijn copingsmechanismes. 

Het is weer moctober, vandaag jouw verjaardag. Hoe oud zou je zijn geworden? Ik moest even rekenen, maar het is vandaag je 61e verjaardag. Gefeliciteerd! Jeetje wat ben je een oude man aan het worden he. Ik stel me je met grijze haren voor, waarschijnlijk zijn nu de twee kalende inhammetjes nog dieper bovenop je hoofd, of misschien is het zelfs een soort enorm meer geworden, waar ik zo van kan voorstellen dat er een ecosysteem aan vissen in leven en waar ik een verfrissende duik zou nemen. Waarschijnlijk zou je eindelijk toe hebben gegeven dat je ogen weldegelijk achteruit zijn gegaan in de afgelopen jaren, dat die kleine lettertjes toch echt niet te lezen zijn en dat je op afstand de dingen eigenlijk ook net niet goed kan zijn. Je zou dan uit eigenwijsheid een klein rond brilletje, wat eigenlijk net een beetje raar staat, hebben gekocht, met zo een half-maantje waar je dan als je naar beneden kijkt in je bril de kleine lettertjes mee kan lezen. 

Je lijf is ook veranderd, dat kan ik voelen als ik je een knuffel geef of als ik naast je op de bank, op zoek naar geborgenheid, tegen je borst kruip om daar even te blijven. Een lege plek om te blijven. Je voelt misschien iets kwetsbaarder, minder beerachtig als vroeger, maar de knuffels in jouw armen zijn nog net zo goed: aanwezig, zoals als altijd.

Ik ben een archief begonnen pap. Het ‘zonder titel’ archief. Die naam ontstond vorig jaar nadat we je na-15-jaar-liefde herinneringsritueel hadden vierden. We hadden een goed deel van je vroegere vrienden uitgenodigd om je samen in liefde te herdenken, iedereen kreeg de vraag om een verhaal of een ander herinneringsobject mee te nemen en daar wat over te delen. Druppelsgewijs kwamen mensen binnen, bij Meinbert in zijn atelier want Meinbert ontvangt graag mensen en al helemaal in dit kader. We hadden de ruimte voorbereid, Meinbert had een witte muur vrijgemaakt voor als mensen met foto’s kwamen en er was een tafel met een boek waar mensen verhalen konden opschrijven. Ieder-een had hun best gedaan om iets mee te nemen, een foto, een tekening van jou, een poster van een kunstproject wat ze samen met jou hadden gedaan in Rusland (?). Het was een mooie installatie geworden. 

Ik had de stiekeme hoop gehad dat mensen met meer herinneringen langs zouden komen, dat ons samenzijn een soort gat aan herinneringen zou vullen. Dat gat is er altijd geweest en wordt met de tijd alleen maar groter. Ik heb nooit de kans gehad om als volwassene een zo volledig mogelijk beeld van je te creëren, door met je te praten, je vragen te kunnen stellen over waarom je de dingen deed zoals je die deed. ‘hoe was het om met oma Ria samen te wonen en bij ome Cor te stranden?’, ‘hoe was het om een punker te zijn?’ en ‘waarom ben je naar de Rietveld gegaan?’, maar ook grotere vragen zoals ‘wat betekent liefde voor jou?’. Het enige wat ik nu kan doen is struinen door je notitieblokken, je kunst bekijken en de puzzelstukjes bij elkaar te zoeken. Ik geniet ervan, om je te lezen. Dan ben je even tastbaar, en voelt het alsof je tegen me praat. Als ik je lees voelt het opeens alsof we één zijn, alsof jouw gedachten mijn leegte voelen. Alsof ik een inkijkje krijg in wat je hebt geleefd en hoe je de kunst die je maakte maakte. Nu ik zelf ook in de kunstwereld rondzwerm, lijkt het alsof ik je vanuit een andere positie kan ontmoeten. Alsof we opeens dezelfde taal spreken en ik iets dieper in je ziel kan kijken.

Na moctober 2025 had ik behoefte om herinneringen te verzamelen, maar ook objecten en voorwerpen. Ik ben op zoek gegaan naar de herdenkingssite van Woedend waar ik me kan herinneren dat veel mensen daarop op hadden geschreven, maar het bedrijf is nu zo hip geworden dat ik niks meer terug kon vinden. Een heel archief aan woorden, verdwenen in de zee van data. Dat vond ik zo een eng idee, dat al die woorden en herinneringen die emotioneel goud waard zijn, zomaar met een klik op de knop door een onbekende kunnen verdwijnen. Daarom neem ik het heft deze keer in handen, en begin ik hierbij het ‘zonder titel’ archief in liefdevolle herdenking van Moc Gravemaker. 

Het lijkt me zo waardevol om door de jaren heen een verzameling te hebben, met woorden, herinneringen en objecten van jou pap. Om in deze tijden waarin digitale bestanden in overvloed zijn, maar ook onhervindbaar, een plek te hebben waar ze samen kunnen komen. Om wie weet, met meer puzzelstukjes oneindig door te blijven puzzelen en te blijven speculeren en dromen van wie jij bent. 

Lieve warme knuffel aan jou pap, tot heel gauw, want we zijn er.